START O.B.E.R. KERSTBIERFESTIVAL BIERARCHIEF LINKS

CONTACT

BIERCOCKTAILS (met Jef Van den Steen)


cat. O.B.E.R. -degustatieavond org. O.B.E.R.
datum: 02/09/2000 verslag: Gunter Mertens
foto's: geen    

Wie naar de Trappistenavond twee jaar geleden kwam weet het al : als Jef Van den Steen langs komt voor een degustatieavond, krijg je eerst een lang verhaal voorgeschoteld, alvorens er iets gedronken wordt. Deze keer duurde de uitleg iets minder lang, maar was daarom niet minder interessant.

Hoe is het mogelijk dat in zo’n bierland als België bijna niet geëxperimenteerd wordt met cocktails van bier? Waarom hebben de Belgen geen traditie van andere dranken te mengen met bier?

Het antwoord is misschien simpel : Kijk eens naar het gamma bieren dat de Belgische brouwerijen produceren, met smaken gaande van zuur (ik ben hier net een Oude Geuze “De Cam” aan het degusteren ) over bitter naar zoet, met alcoholpercentages van 3-4 alcoholpercenten tot en met 12, troebel en helder, kleuren gaande van blond tot bijna zwart…

Zo’n rijkdom aan bieren, dat vind je nergens anders. Waarom dan bier nog met andere dranken mengen? Om hier een antwoord op te geven moeten we toch even naar het buitenland. We beginnen met het Zuiden van Europa, waar zelfs een frisse pint te veel alcohol kan bevatten om je, nadat je dorst gelest is, nog in fatsoenlijke staat over de weg te laten bewegen. Hier voegt men vaak een niet-alcoholische drank aan het bier toe, zodat men meer kan drinken, zonder al te vlug dronken te worden. In Frankrijk en Duitsland doet men dit vaak met een citroenlimonade (iets sprite-achtigs dus) In Frankrijk noemt men dit “Panaché”, en men verkoopt het zelfs voorgemixt in blik.

In Zuid-Duitsland werd rond 1920 bij Munchen voor de eerste maal geëxperimenteerd met iets dergelijks. Een café, gelegen langs een toeristische fietsroute dreigde op een zonnige zomermiddag zonder bier te geraken. Om de aankomende fietsers toch van de nodige dorstlessers te voorzien, mixte de waard zijn (pils-) bier met limonade, zodat zijn voorraad wat werd aangelengd. Als de gebruikers vroegen wat er met hun bier was, zei men dat het iets “speciaals” voor de fietsers was, en zo was ook de naam geboren: “Radler” (fietser).

In Noord-Duitsland werd rond dezelfde tijd het “Alsterwasser” geboren. Dezelfde mix werd hier zo genoemd vanwege de bleek-heldere kleur die deze cocktail heeft. De Alster is een plaatselijke rivier, die (toen nog?) bekend stond om haar zeer helder water. Vergelijkbaar van afkomst werd deze mix in onze streken ook wel bekend onder de naam “Sneeuwwitje"

Een andere, in België meer gedronken variant vind je in de combinatie pils-cola, meestal “mazout” genaamd. Ook hier is het doel van het mixen hetzelfde: meer kunnen drinken, zonder meer alcohol binnen te krijgen. Brouwerij Huyghe heeft hier handig op ingespeeld, door voorgemixte “mazout” op vaatjes van 30l af te vullen, naar het schijnt vooral in studentenmiddens populair! Verder heb ik ook al van de combinatie “mahoe” gehoord, zijnde dus Hoegaarden met cola….

Probeert men in de Zuiderse landen het alcoholpercentage te verminderen, dan probeert men het in het Noorden te verhogen! Geen last van al te hete zomers hier, maar in de winter kan men al wel eens iets (hart-)verwarmends gebruiken. Om dit te bereiken voegt men aan het bier een sterk alcoholische drank, zoals whisky of wodka toe.

Ook de strenge alcoholwetgevingen in de Scandinavische landen dragen bij tot het willen ”versterken” van de slappe bieren die men in de supermarkt koopt. Deze landen zijn ook overwegend “pilslanden”, zodat men door er iets “extra” aan toe te voegen een nieuwe smaak krijgt.

Bij ons doet men dit ook wel, door in een pintje (of volgens Erik in een Duvel) voorzichtig een glaasje jenever te laten zakken, dat dan net boven het oppervlak blijft drijven. Als men drinkt worden beide gemengd, en men spreekt dan over een “duikboot”.

Voorlopig nog geen spek voor mijn bek, en de combinatie Leffe Bruin en Bacardi, die ik in een redelijk vrolijke bui eens uitprobeerde, was naar mijn smaak ook niet echt schitterend

Na dit verhaal kwamen we tot de eerste te proeven cocktail: “Moine Fou” (zotte pater). Door de kenners werd al vlug tonic ontdekt, en de Louis proefde er ook de Orval nog bij. In een verhouding 50-50 doet deze cocktail het zo slecht nog niet. Een zeer verassende combinatie ! Tonic smaakt citrusachtig bitter, en accentueert de bitterheid van de Orval. Dit mengsel schenkt men in de Vaudrée, een biertempel in Angleur bij Luik, een adres waar we na de beschrijving van Jef (1200 bieren op de kaart) zeker eens langs moeten gaan.

We gingen verder met het proeven van de waarschijnlijk oudste biercocktail: de Picon-Bière. Amer Picon is een zeer bittere likeur, op basis van sinaasappelschil, gentiaan en kina, ontstaan in het Frankrijk van 1837. Vanaf het begin stond op de flessen van deze likeur vermeld:1/5 Amer Picon, en 4/5 bier( in Frankrijk natuurlijk een pilsbier). Deze cocktail is zeer bekend in Frankrijk, wel 70-80% van de cafés in de Elzas heeft dit brouwsel op de kaart staan. Men heeft zelfs speciale glazen  (op voet) waar een maatstreepje op aangeduid is.

Om het mengsel nog een touche’ke fruitigheid te geven, voegde onze mengers van dienst op aanraden van Jef nog een scheutje citroenstroop bij.

Fris, fruitig, bitter :Deze mix is ideaal als aperitief !

De volgende cocktail is onstaan in Engeland. Toen in 1861 Albert, de prins-gemaal van Queen Victoria overleed, hing er over Londen een waas van rouw: Vlaggen hingen halfstok, zwarte doeken werden uitgehangen,...De bartender van de chique Brook’s Club in St.-Jamesstreet vond dat ook de champagne dan maar zwart moest zijn. Hij lengde champagne aan met Guinness, zodat ook de champagne in de rouw was: Black Velvet was geboren !

Een variant hier op is de “poor men’s Black Velvet” In plaats van champagne werkt men hier met cider, wat een zéér populaire drank is in Groot-Brittannië.

Als je deze cocktail thuis eens wil serveren, let er dan wel op van de échte Guinness te gebruiken, niet de “Belgische” van 8% alc. De échte Guinness van 4% alc. , is in België enkel verkrijgbaar in blik, of van het vat in de “Irish Pubs” en aanverwanten.

Niet alle biercocktails dateren uit de vorig eeuw. Integendeel, in de  Hotelschool in Herk-de-stad (B) heeft bier een jaar lang het thema van de keuken geweest. En daar kwamen wonderwel ook biercocktails bij. De favoriete cocktail van Dhr. Jans, een van de drijvende krachten achter het project, was een mix van pils met 1cl “Marie-Brizard”. Door enkele proevers werd eerst onmiddellijk aan Pastis/Ricard/Pernod gedacht, en dit door de indringende anijssmaak en geur. Pernod en dergelijke zijn echter likeuren op basis van “steranijs”, terwijl Marie-Brizard op basis van groene anijs is. Steranijs zou aan de cocktail een melkwit troebel uiterlijk geven, terwijl hij juist mooi helder moet zijn. Aangezien Dhr. Jans geen naam voor dit drankje wist, heeft Jef het zelf de naam “Jans’ Favorite” gegeven.

De laatste cocktail is qua bereidingswijze iets ingewikkelder. Hier dienen een dag van tevoren “bolletjes” appel gemaakt te worden, die dan 24 uur in Calvados moeten trekken.

Vervolgens men schept deze bolletjes in een coupe, en men giet er krachtig een pilsbier bij. Een scheutje grenadine zorgt voor de “finishing touch” van wat men noemt “een vrolijke Limburger”

Louis wist onmiddellijk te vertellen dat Calvados de straffere variant van appelwijn of cider was, wat Jef de uitspraak “Hij ziet er stom uit, maar hij is het niet !” ontlokte. Dit werd nadien nog eens kracht bijgezet door Louis’ uitspraak : “Daar worde zat van!”


top

online :11 september 2000